Reisverslag februari 2016

Geplaatst op 26 februari 2016

In februari 2016 zijn Egbert, Joke en José afgereisd naar Sri Lanka. In een warm Colombo wachtte hen weer een warm welkom. De mensen zijn ontzettend lief, gastvrij en dankbaar dat we hen willen helpen.

Ayubowan!

Deze reis zijn we vooral geïnteresseerd in de voortgang van ons eind september 2015 geopende community center. Het is natuurlijk geweldig dat we dit dankzij alle sponsoren in Nederland hebben kunnen realiseren. Maar in landen zoals Sri Lanka is met geld inzamelen en een gebouw neerzetten het werk nog niet klaar. Nu komt het er op aan de mensen te leren een sluitende begroting te maken voor het exploiteren van het centrum zodat ze er in lengte van jaren op eigen krachten plezier van hebben.

Na enkele dagen vergaderen op het hoofdkantoor verlaten we Colombo om na 6,5 uur rijden in Wellawaya aan te komen. Het zou het hof van Eden kunnen zijn, ware het niet dat er heel veel arme mensen wonen verborgen in de jungle, verstoken van faciliteiten zoals elektriciteit, schoon drinkwater, riolering, goed onderwijs en gezondheidszorg. Meer dan 95% van de gezinnen leeft hier van minder dan 97 euro per maand. Het is een gebied dat tot voor enige tientallen jaren geleden nog jungle was. Kinderen moeten dagelijks ver naar school lopen en niet zelden eerder omkeren omdat er een olifant op de weg staat. De boeren slapen elke nacht op hun land om de olifanten te verjagen, die anders na een bezoek de hele oogst zouden kunnen vernietigen. Vaak gaan wij bij de bezoeken (niet zelden in tropische regenbuien) te voet verder omdat de weg voor auto’s onbegaanbaar is. Wij kunnen geen geschiedenis schrijven, maar de geschiedenis van Wellawaya heeft door de komst van Sampath Foundation wel een nieuw perspectief gekregen. Dat getuigen de vele vrouwen die microkrediet krijgen en ons weer opwachten. Zij zeggen ons na 6 jaar het niet alleen financieel beter te hebben, maar ook rijker te zijn geworden omdat ze nu een hechte groep vormen met andere vrouwen die samen hun kennis delen en leren een betere oogst te krijgen. Ze hebben betekenis gekregen en horen ergens bij. In totaal hebben inmiddels 1250 vrouwen krediet gekregen.
In het in gebruik genomen pre-schoolcentrum lopen inmiddels dagelijks 51 dreumesen tussen de 3 en 5 jaar oud rond te huppelen die een orkest vormen als we aankomen. Werkelijk vertederend. We worden ook binnen nog eens vrolijk toegezongen. Veel van de aanwezige vrouwen zijn gestart met 70 euro krediet. Gedurende 6 jaar hebben ze na aflossing een steeds groter krediet gekregen. Zij hopen nu op een ‘peer to peer’ krediet: een persoon of bedrijf in Nederland leent hen via de foundation meer geld dan via microkrediet mogelijk is om hen een kans te geven hun ondernemerschap nog meer waar te maken. Zo bewaart Pemawathi de oogst pinda’s van de andere vrouwen totdat de marktwaarde goed genoeg is. Zij zou graag een groter krediet ontvangen om de pinda’s te kunnen vervoeren en buiten de regio te kunnen verkopen. Podimenike heeft geld voor een waterput gekregen. Zij kan nu het hele jaar haar land irrigeren en heeft een dubbele oogst. Via ‘peer to peer’ hebben afgelopen jaar ook al 11 andere vrouwen hun bedrijf kunnen uitbreiden of consolideren.

De volgende dag staat in het teken van het suïcide preventieproject. Tot voor 10 jaar was in Sri Lanka het hoogste aantal suïcides van de wereld. Vijf jaar geleden zijn we eerst zelf en later samen met Cordaid een project gestart om mensen te leren hoe met dreigende suïcide om te gaan en een programma op te zetten om de oorzaken zoals isolatie, armoe, drankmisbruik en huiselijk geweld aan te pakken. We worden deze dag weer ingehaald door een stoet schattige peuters die een dansje opvoeren en in een optocht van bruidjes gaan we naar de tempel waar de monnik zijn gebeden uitspreekt. Daarna drama (een belangrijk hulpmiddel voor kinderen in Sri Lanka om trauma’s te verwerken), dans en gesprekken met de plaatselijke bevolking en stakeholders. Het aantal suïcides is afgenomen. Nooit eerder had iemand zich hier in dit arme gebied voor de boeren geïnteresseerd. Zij woonden afgelegen en hun denken over deze problemen was mede ook daardoor beperkt. Het project was en is erg belangrijk voor hen. We drinken kruidenthee, eten bananen en gevulde bladeren waarbij ik tot ieders hilariteit ook de bladeren zelf op eet.

Op de laatste dag in Wellawaya ontmoeten we de studenten. De vierde groep is inmiddels gestart. Er zijn nu 68 studenten die ook gesponsord worden door een individuele sponsor (15 euro per maand) uit Nederland die per brief of mail met elkaar contact kunnen onderhouden. Een kansloze groep zonder hulp, talentvol maar zo arm dat niet zelden de aanschaf van schoenen of schooluniform de oorzaak is om niet naar school te kunnen. En al helemaal niet de bijlessen die nodig zijn omdat goed onderwijs in deze streek ontbreekt. Inmiddels na 5 jaar bezoeken er 6 kinderen de universiteit en zijn diverse kinderen naar andere studies doorgestroomd. We hebben afscheid moeten nemen van Lushana die ook de universiteit bezocht, een unieke kans voor haar. Moeder, zelf werkzaam in het Midden-Oosten, wilde dat ze ging trouwen. Haar toekomstige man, een jonge boer die zelf niet kan studeren, wil geen vrouw die slimmer is dan hij. Maar gelukkig is er voor velen wel een kans. De meeste ouders zien in dat hun kinderen beter verdienen.

De komende dagen gaan we naar de overige studenten die in het land verspreid wonen. We bezoeken de contactpersonen, spreken met alle kinderen over hun studie en helpen hen zo naar een betere toekomst. Bij ons laatste ontbijt, tussen de pauwen met hun lokroep en terwijl de apen krijsend vanuit de bomen een mango op onze tafel gooien zeggen we Suba Dawasak (tot ziens).

Egbert en Joke
En Jose de Bruijn, die voor de Sampathkinderen is meegegaan.